EXODUS TOPSPEELSTERS NA 2002 WAS ZONDE VOOR HELLAS

Den Haag – Precies dertig jaar was Hagenaar Nico Stet als handbalcoach actief voor zijn geliefde club Hellas. Hij trainde de jeugd, de vrouwen en de mannen op het hoogste niveau. Zijn carrière kende vele hoogtepunten, maar het landskampioenschap van 2002 met de vrouwen roept nog steeds de meest emotionele herinneringen op. Een terugblik met de 61-jarige Stet op die onvergetelijke periode waarin Hellas zich superieur toonde.

Zelden zal een handbalploeg uit zo veel vedetten hebben bestaan als die bewuste formatie. Stuk voor stuk voortreffelijke handbalsters die vrijwel uitgezonderd uitkwamen voor de nationale ploeg en naderhand uitzwermden naar de buitenlandse topclubs.

Anno 2013 kijkt de toenmalige oefenmeester Nico Stet met veel trots terug op die succesrijke periode. Maar destijds waren zijn gevoelens, opmerkelijk genoeg, beduidend anders. Stet: ,,Toen ik met die kampioensschaal omhoog stond, dacht ik na alle euforie werkelijk: is dit het nou? Naar het succes toewerken, was een zware opgave geweest. En de beleving vooraf was vele malen groter. Toen we het eenmaal hadden bereikt, viel het gek genoeg toch een beetje tegen. Bijna een anticlimax. Wat door mij als onbereikbaar was beschouwd, bleek opeens toch te zijn gelukt.”

Stet beschouwt de landstitel inmiddels als een fantastische prestatie. ,,Maar ik heb het meer trainers horen zeggen. Op het moment van de titel beleef je dat minder intens. Dat is geen arrogantie. Maar ik had een vreemd gevoel. Het kwam ook, omdat er na onze kampioenswedstrijd nog een partij van de mannen werd gespeeld. Ik zat zo’n beetje alleen in de clubtent met die schaal in mijn handen. Onwezenlijk allemaal. Je ervaart het alsof er een enorme druk van je schouders is afgevallen. Er werd zó veel verwacht van ons. Dat te moeten waarmaken, kostte ontzettend veel energie.”

De jaren erna en ook nu nog steeds geniet Stet met volle teugen van het grootste succes in zijn lange trainersloopbaan. De aanloop was er een met hobbels. Stet: ,,In 2001 wonnen we met een jonge ploeg van gemiddeld achttien jaar de beker van het toen gevestigde AAC 1899. In datzelfde jaar speelden we om de titel in een best-of-five tegen SEW. We verloren de vierde wedstrijd en werden dus tweede. Een grote prestatie van zo’n jong team, waardoor we ook Europa Cup gingen spelen. Een geweldige ervaring, die voor veel doorgroei zorgde.”

Het jaar erop, in 2002, werden door bondscoach Bert Bouwer keepster Ingeborg Vlietstra, de nog piepjonge Pearl van der Wissel en schutter Sylvia Hoffman bij het toch al sterke Hellas geposteerd. ,,Zo ontstond er een ijzersterk team waarmee we de beker en de landstitel veroverden. Met oogstrelend handbal. We wonnen eigenlijk alles. Het was prachtig om te zien.  We wonnen de titel en weer was SEW de tegenstander. Nu was het wel raak en daarmee spoelden we de kater van het jaar ervoor weg. Ik heb dat als het ultieme beleefd.”

Stet en zijn meiden hadden keihard naar dat succes toegewerkt. ,,De basis van de ploeg was al goed met jonge speelsters uit de eigen kweek als Inge Stet, Maura Visser en Amy den Broeder. Aangevuld met wat meer ervaren krachten die al een paar jaar bij Hellas speelden: Mirjam van Boles, Dewi van ’t Oostende, Babette van Engelen, Judith Demeijer. En daar kwamen nog eens de drie, vier grote talenten van het Oranjeplan bij. Het was precies de juiste samenstelling voor een topteam. Ook met een sterk begeleidingsteam met Ingrid Huf als assistent, Anja Uijtdebroek als teammanager, Alex Curescu als keeperstrainer en Rick Cost voor de fysio. Alles klopte en er was evenwicht binnen de totale ploeg.”

Zoals zo vaak in de topsport gingen de successen niet voorbij aan de buitenlandse clubs. Veel speelsters werden ‘weggekocht’ en een exodus van de talenten kwam op gang. Stet: ,,Dat werd ook gestimuleerd door de handbalbond. De Oranjespeelsters moesten bij voorkeur naar de sterke buitenlandse competities. Dat werd min of meer als voorwaarde gesteld om voor de nationale ploeg te kunnen uitkomen. Ook wij werden daar als club de dupe van. Voor de speelsters was het geweldig. Zij werden er alleen maar beter van en daar profiteerden de nationale selecties weer van. Maar wij waren in een klap onze toppers kwijt.”

Het verkassen van die talentrijke speelsters was voor Nico Stet de reden om als vrouwentrainer bij Hellas te stoppen. ,,De vrouwencompetitie was toen heel sterk. Veel beter dan nu. Het is jammer dat we niet verder hebben kunnen bouwen aan meer successen. Maar er zitten zoals altijd twee kanten aan het verhaal. Voor onze internationale reputatie is het goed dat de toppers in het buitenland handballen. Maar voor mij als trainer en voor de club was het een zure ontwikkeling.”

 

SABBATICAL NA DERTIG JAAR TRAINER

Nico Stet is precies dertig jaar actief als trainer/coach in de handbalwereld. Vanaf 1983 heeft hij vooral de selectieteams van Hellas onder zijn hoede gehad. Hij begon na zijn actieve loopbaan als speler als oefenmeester bij de mannen van Westlandia, met wie hij kampioen werd en promoveerde. Daarna volgde een lange reeks van trainersfuncties bij zowel de mannen als de vrouwen van Hellas. Hij bracht de mannen naar de eredivisie. Veroverde de landstitel en de beker met de vrouwen. Hij werd teruggehaald toen de vrouwen onverwacht waren gedegradeerd en bracht ze binnen een jaar terug op het hoogste niveau. Streed daarna nog tweemaal om de landstitel, maar verloor beide finales. In 2011 promoveerde hij opnieuw met de mannen naar de eredivisie. Dit seizoen is hij met de mannenploeg nog in de race voor promotie naar het hoogste niveau. Het is voorlopig zijn laatste kunstje.

 

STET HAALDE TITEL TERUG NAAR DEN HAAG

De vrouwen van Hellas werden in totaal acht keer landskampioen, wonnen vijfmaal de beker en drie keer de supercup.  Na 21 jaar haalde Hellas, precies tijdens het 75-jarig bestaan, met coach Nico Stet in 2002 de nationale titel terug naar de Residentie. Na de derde overwinning op regerend kampioen SEW was de best-of-five al beslist. Ook de beker was een prooi voor Hellas ten koste van SEW. Het sterrenteam bestond uit een evenwichtige mix van jong talent en meer ervaren speelsters. Keepsters Ingeborg Vlietstra en Mirjam van Boles en de speelsters Maaike Turnhout, Pearl van der Wissel, Amy den Broeder, Inge Stet, Judith Demeijer, Maura Visser (pas 16 jaar), Sylvia Hofman, Dewi van ’t Oostende, Babette van Engelen, Mariska Schenkels en Arjenne Paap. Hellas moest een zware tol betalen voor het succes. Na de titels vertrokken Van der Wissel en Vlietstra (beiden naar  Denemarken), Turnhout (Spanje), Van Boles, Den Broeder, Hofman, Schenkels en Paap (allen naar Duitsland).

Later vertrok ook Maura Visser via Quintus naar Denemarken en vervolgens de Bundesliga.

Stet denkt met weemoed terug aan die gouden periode, die niet snel zal terugkeren in Den Haag. De mannen werden in 2008 nog een keer landskampioen, maar degradeerden twee jaar later. Stet probeert dit seizoen de mannen terug te brengen naar de eredivisie en zet er dan, al dan niet definitief, een punt achter. ,,In elk geval een sabbatical jaar. Alles even laten bezinken. Dan zien we wel verder. De promotie naar de eredivisie zou een mooi afscheid zijn.”

 

AD HAAGSCHE COURANT/Peter Lotman

 

HELLAS EN HERCULES IN ACTIE VOOR JEUGD
Meiden A (U19) winnen sterk bezet toernooi in Denemarken: Versterhavncup 2013!